
Begin juli verscheen geschrift no. 121 ‘Zeker van Energie’ van de Teldersstichting, het wetenschappelijk bureau van de VVD. Een onversneden liberale visie op energie wordt in het politieke landschap node gemist. Het rapport bevat een aantal behartenswaardige ideeën, die echter stevig worden ondermijnd door een volstrekt onnodige flirt met ‘klimaatscepsis’.
Zo zou er nog veel onduidelijk zijn over het aandeel van de mens in de opwarming van de aarde, zou het de vraag zijn of de huidige opwarming uniek is, en of er niet alternatieve verklaringen ‘naast de broeikastheorie’ mogelijk zijn. Binnen de klimaatwetenschap is het beeld wel helder, en luidt kort en plat samengevat: de huidige opwarming is uniek qua hoogte en snelheid, de mens heeft het gedaan door heel veel broeikasgassen aan de atmosfeer toe te voegen, en mogelijke alternatieve oorzaken zijn inmiddels vrijwel volledig uit te sluiten. Maar kennelijk baseert het wetenschappelijk bureau van de VVD zich niet op de wetenschap, maar liever op een sceptische journalist (Marcel Crok, als doorgeefluik van Amerikaanse twijfelmateriaal al eerder gewogen en te licht bevonden) en de libertaire sceptische blogger Hans Labohm. Dan is het niet verwonderlijk dat het liberale energierapport een typisch ‘sceptisch’, onwetenschappelijk frame hanteert zodra het over klimaat gaat. Hoe zo’n frame ontstaat en effect kan hebben beschrijf ik in De Twijfelbrigade.
De Teldersstichting gaat met de sceptische spin en framing mee. Dat is jammer, om principiële redenen, om beleidsinhoudelijke redenen alsook om redenen van acceptatie van liberale energie-ideeën. Principieel: de Verlichting en daarmee samenhangende snelle ontwikkeling van de wetenschap die het ‘duistere’, dogmatische wereldbeeld dat daarvoor heerste wegnam, ging niet toevallig hand in hand met de ontwikkeling van het liberalisme. De afwijzing van (in dit geval: klimaat)wetenschap door liberalen betekent dat de eigen oorsprong en waarden worden verlaten. Beleidsinhoudelijk: het is relatief gemakkelijk een liberaal energiebeleid te bedenken als de aanname is dat het klimaatvraagstuk non-existent of niet erg belangrijk en urgent is. Dat is nu gedaan, en dat geeft op zichzelf interessante ideeën over wat privaat en wat publiek zou moeten zijn, over of en hoe de overheid zou moeten ingrijpen. Maar het zou nou juist en vooralinteressant zijn te doordenken hoe een rechtgeaarde liberaal met klimaatverandering zou omgaan als deze, en de rol van de mens hierbij, volledig wordt erkend in plaats van wordt weggemoffeld. Ik zou willen lezen hoe een liberaal dat vraagstuk ten principale zou aanpakken, én hoe hij als liberaal de afweging voor de BV Nederland maakt, wetende dat andere landen met andere wereldbeelden er heel andere beleidsplannen en -tempi op nahouden. Hoe zo’n liberaal energiebeleid mét aanvaarding van de klimaatwetenschap eruit zou zien, blijft nu gissen.En tenslotte de acceptatie van de liberale energie-ideeën. Die zijn niet bepaald gediend met het omzeilen van de (klimaat)wetenschap. De Correspondent framede het rapport bij verschijnen direct als klimaatscepsis, een paar latere commentaren betitelden het als fossiel lobbystuk; de commentaren in de social media waren van gelijke strekking. Dat is, gezien de ‘klimaatsceptische’ optiek van het geschrift wel begrijpelijk, maar met dit badwater worden dan ook wél interessante kinderen weggespoeld. Bijvoorbeeld de constatering dat de verschillende energiedoelen (voor besparing, hernieuwbare bronnen en klimaat) en de veelheid van instrumenten daarvoor elkaars effectiviteit ondermijnen. Dat is gewoon waar, en die waarheid wordt amper onderkend. De liberalen hebben hier gewoon een punt. Maar tegelijkertijd zou ik de liberalen de sanering van deze energiedoelen en -instrumenten niet durven toevertrouwen. Ook al ga ik inhoudelijk een eind mee, de kans dat bij een liberaal-sceptische sanering van de doelstellingen de klimaatzorgen en -doelen als eerste sneven is dan gewoon te groot. Door het klimaatthema tot marginaal relevant issue te bestempelen ondermijnt de liberale denktank de mogelijkheid support te krijgen voor de onderdelen van zijn visie die wél hout snijden. Onnodig. En jammer. Het liberale gedachtegoed had een beter lot verdiend.
(Eerder verschenen als column op Energiepodium)
Sargasso:
Op weblog Sargasso gaat Stephan Okhuijsen nader in op de klimaatparagraaf van het Teldersrapport. Zijn analyse staat hier.
Reacties van Stephan de Vries van de Teldersstichting en dupliek
Â
Op Energiepodium reageert Stephan de Vries van de Teldersstichting, mede-auteur van het rapport, op mijn column. Zijn reactie is hier te vinden.
Mijn dupliek volgt hieronder:
De reactie van Stephan de Vries, medeauteur van het rapport ‘Zeker van Energie’ van de Teldersstichting op mijn kritische column over de klimaatstandpunten in dat rapport is allesbehalve overtuigend. De Teldersstichting heeft voor zijn klimaatparagraaf niet, in tegenstelling tot wat De Vries schrijft, ‘het hele spectrum van het debat’ bekeken. Er zijn géén klimaatwetenschappers geraadpleegd, over klimaatverandering is slechts gesproken met gekleurde niet-wetenschappers die standpunten huldigen die al lang als onhoudbaar zijn afgevoerd. Een later artikel legde nog eens genadeloos bloot waar het Teldersrapport op klimaatgebied de mist in gaat.
Eenzijdige consultatie geeft eenzijdige conclusies: een verwrongen beeld van de klimaatwetenschap en daarmee een te rooskleurig beeld van de klimaatrisico’s. Een meer reële risicoperceptie zou, zo laat De Vries doorschemeren, voor de beleidsvisie van de Teldersstichting niet zoveel uitmaken: “(deze…) zou niet veel afwijken van wat hij heeft gelezen in ons rapport. Liberalen trekken over het algemeen genomen niet snel de conclusie dat de staat een (zeer) sturende rol moet krijgen aangemeten.” Waarna hij die sturende rol definieert als een staat die zich richt op technologiekeuzes, gedragsbeïnvloeding en subsidiestromen. Alsof een ‘(zeer) sturende rol’ meteen detailregulering impliceert. Onzin: een klimaatsceptisch-liberale visie tegenover een klimaatserieuze planeconomie zetten is een valse tegenstelling. Van belang is juist een klimaatserieuze liberale visie als alternatief voor de sceptische slappe hap die nu het Teldersrapport kleurt. Het verschil, zal ik zelf dan maar beargumenteren als De Vries het niet uit zijn pen krijgt, zit nietin het type sturing, niet in de keuze van de instrumenten, maar in de hoogte van de koolstofprijs die wordt bepleit.
De vrijheid van het individu mag slechts worden beperkt als hij anderen fysieke schade toebrengt, aldus John Stuart Mill
Een liberale sturingsvisie op basis van een wetenschappelijke in plaats van ‘sceptische’ risico-inschatting kan prima worden vormgegeven met instrumenten die voor liberalen aanvaardbaar zijn als ze eenmaal het idee hebben doorgeslikt dat de staat gezien de klimaatrisico’s een rol te vervullen heeft. Die bittere pil is te verteren op grond van een belangrijk liberaal beginsel, het schadeprincipe: De vrijheid van het individu mag slechts worden beperkt als hij anderen fysieke schade toebrengt, aldus John Stuart Mill (een van de grootste liberale denkers aller tijden), en al eerder de Franse Verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger uit 1789. Vervolgens kiest een rechtgeaarde liberaal natuurlijk wel voor een type instrument dat de vrijheid verder zoveel mogelijk intact laat: ofwel een emissiehandelssysteem met een zodanig beperkt CO2-quotum dat een 2-gradendoelstelling ermee wordt gehaald, of de contramal van zo’n systeem, een dusdanige CO2-prijs dat de langetermijnkosten van klimaatverandering in de prijzen van nu worden verwerkt. Dat is meer een kwestie van praktische voor- en nadelen dan dat het ene instrument liberaler zou zijn dan het andere. In beide gevallen zal een CO2-prijs van minimaal 90 euro per ton ontstaan (emissiehandel) dan wel worden opgelegd (beprijzing). Zó zou een liberaal beleid eruitzien dat de klimaatrisico’s volledig, volgens de wetenschappelijke inzichten, onder ogen wenst te zien in plaats van sceptisch bagatelliseert. Dat is dan ook de hamvraag aan de Stephan de Vries: welke CO2-prijs (via quotering/emissiehandel dan wel beprijzing te realiseren, dat is hier om het even) staat de Teldersstichting ten principalevoor? Wees daar helder over, daaraan kan iedereen aflezen in welke mate de liberale denktank de klimaatwetenschap accepteert.
Â
